Alexander de Grote

Macedonisch koning die in dertien jaar tijd een rijk schiep van Griekenland tot de Indus — en daarmee de hellenistische wereld mogelijk maakte.

Leven:
20 juli 356 v.Chr. (Pella) – 10 of 11 juni 323 v.Chr. (Babylon)
Regeerperiode:
336–323 v.Chr., koning van Macedonië; later ook basileus van Azië
Dynastie:
Argeaden
Tijdvak:
Klassieke oudheid, overgang naar hellenisme
Belangrijkste bronnen:
Arrianus, Plutarchus, Diodorus Siculus, Curtius Rufus, Justinus

Jeugd en opvoeding

Alexander III van Macedonië werd in 356 v.Chr. geboren in Pella, de hoofdstad van het Macedonische koninkrijk. Zijn vader Filips II had Macedonië getransformeerd van een verdeeld stamland tot de sterkste militaire macht van Griekenland, met een professioneel leger rond de sarissa-phalanx. Zijn moeder Olympias kwam uit Epirus en speelde een eigen, vaak conflictueuze rol aan het hof. Drie jaar lang werd Alexander onderwezen door de filosoof Aristoteles; dat literaire contact met de Grieks-filosofische traditie bleef hem herkenbaar beïnvloeden — hij droeg zijn hele leven een eigen exemplaar van de Ilias met zich mee.

In 338 v.Chr., zestien jaar oud, voerde hij de cavalerie aan in de slag bij Chaeronea, waarin Filips de Griekse stadstaten onderwierp. Na diens moord in 336, waarschijnlijk door de lijfwacht Pausanias, volgde Alexander hem op als koning. Eerst sloeg hij een opstand in Thracië en Illyrië neer; in 335 verwoestte hij Thebe om te tonen dat zelfs een van de belangrijkste Griekse steden zijn gezag moest erkennen.

De veldtocht tegen Perzië

In het voorjaar van 334 v.Chr. trok Alexander met circa 40.000 soldaten de Hellespont over. Drie grote slagen bepaalden de uitkomst: bij de Granicus (334) versloeg hij de Perzische satrapen van Klein-Azië, bij Issus (333) de Perzische koning Darius III zelf, en bij Gaugamela (331) brak hij de Perzische strijdmacht definitief. Tussendoor belegerde hij zeven maanden lang het eilandfort Tyrus (332), nam hij Egypte grotendeels zonder gevecht in — waar hij als bevrijder werd onthaald en tot farao werd gekroond — en stichtte hij Alexandrië, dat later een van de belangrijkste steden van de antieke wereld zou worden.

Na Gaugamela trok hij op naar Babylon, Soesa en Persepolis; de ceremoniële Perzische hoofdstad werd geplunderd en haar paleis afgebrand — over de redenen zijn de oude auteurs verdeeld, van weloverwogen wraak voor de verwoesting van Athene in 480 v.Chr. tot dronken vernieling. Darius III werd in 330 vermoord door zijn eigen satraap Bessus; Alexander liet de koning met ceremoniële eer begraven en nam zelf steeds meer Perzisch ceremonieel over, tot ongenoegen van delen van zijn Macedonische officieren.

Verdere veldtochten en India

Van 330 tot 327 vocht het leger door Bactrië en Sogdië — het huidige Afghanistan en Centraal-Azië — tegen lokaal verzet onder Spitamenes. In 327 huwde Alexander Roxane, dochter van een Bactrische vorst; het huwelijk had een politieke functie en illustreert zijn beleid van integratie van de elites in het veroverde gebied. In 326 trok hij de Indus over en versloeg hij koning Porus bij de Hydaspes, een van de militair meest gecomplexeerde veldslagen uit de oudheid vanwege terrein en oorlogsolifanten. Op de Hyphasis weigerde zijn leger verder te gaan; voor het eerst gaf Alexander toe.

De terugtocht was kostbaar. De oversteek van de Gedrosische woestijn in 325 kostte een groot deel van de mannen het leven. Terug in Babylon plande Alexander verdere veldtochten — mogelijk naar Arabië — en werkte hij aan de integratie van het enorme rijk: massa-huwelijken in Soesa tussen Macedonische officieren en Perzische vrouwen, opname van Perzen in het leger, een nieuwe bureaucratie. Op 10 of 11 juni 323 v.Chr. overleed hij, 32 jaar oud, na een koorts van tien dagen. De oorzaak is niet vast te stellen; malaria, tyfus, alcoholvergiftiging en gif zijn alle voorgesteld.

Het rijk na Alexander

Alexander liet geen duidelijke opvolger na. Binnen een generatie verdeelden zijn diadochen — Ptolemaeus, Seleucus, Antigonus, Cassander, Lysimachus en anderen — het rijk in een reeks dynastieke staten: het Ptolemeïsche Egypte, het Seleucidische Rijk, Antigonisch Macedonië. Die staten vormden samen de hellenistische wereld, waarin de Griekse taal, bestuursvormen en stedenbouw zich tot ver in Azië verspreidden — tot in het Grieks-Bactrische koninkrijk bij het huidige Oezbekistan.

Nalatenschap en omstreden aspecten

Alexander geldt traditioneel als een van de grootste veldheren uit de geschiedenis. Zijn tactische flexibiliteit, logistiek en vermogen om uiteenlopende troepen te commanderen zijn onomstreden. Minder eenduidig is zijn politieke project. Sommige historici zagen in hem een vroege visionair van een wereldbroederschap; anderen benadrukken de systematische brutaliteit van de veroveringstochten — afgebrande steden, tienduizenden geëxecuteerden of verkocht als slaaf — en het feit dat veel van het "integratiebeleid" vooral praktische machtsconsolidatie was.

In latere eeuwen werd Alexander een universeel verhaalmodel. De Alexanderromans circuleerden van Perzië (als Iskandarnama) tot middeleeuws West-Europa. Hij is verwerkt in de Koran (als Dhul-Qarnayn volgens veel commentatoren), in Hebreeuwse midrasjtradities en in Ethiopische hoofse literatuur. Die receptiegeschiedenis is vrijwel even invloedrijk geweest als de feitelijke veldtochten.

Bronnen en historiografie

Geen enkele volledig bewaarde bron is van een tijdgenoot. De belangrijkste antieke schrijvers — Arrianus (tweede eeuw n.Chr.) en Plutarchus (rond 100 n.Chr.) — bouwden op verloren gegane ooggetuigenverslagen van Ptolemaeus, Aristobulus, Callisthenes en Nearchus. Dat maakt het onderscheid tussen feit, beeldvorming en latere interpretatie lastig. Moderne studies zoals die van N.G.L. Hammond, A.B. Bosworth en Robin Lane Fox besteden daarom veel aandacht aan bronnenkritiek. In het Nederlands geeft het werk van Jona Lendering een toegankelijke maar bronkritische inleiding.

Verwant

Plaats Alexanders leven in context via de pagina over de Oudheid. Voor de latere Romeinse adaptatie van hellenistische staatsvormen zie Romeinse Rijk en Julius Caesar, die zich expliciet met Alexander vergeleek.